Wie is online
5 bezoekers online
Schrijf ons
Je kunt ons altijd schrijven via de contactpagina.
Voor alle nieuwe posts…

volg ons op Twitter

Tweet het openingsbericht ->
Rubrieken
Portal
Portal van bekende en vooral minder bekende bloggers en opiniemakers.
English?

Translation by Google in Chrome: please, click the right mouse button and select 'English'.

Archief
mei 2018
Z M D W D V Z
« apr   jun »
 12345
6789101112
13141516171819
20212223242526
2728293031  

Een Noors-Zweedse familiesage die je meesleept

Boekbespreking door Sante Brun


guillou
Zojuist de lezing beëindigd van de zesdelige familiesage ‘De grote eeuw, drie broers, twee oorlogen, een eeuw’ van de Zweedse schrijver Jean Guillou. Het gaat over de geschiedenis van drie doodarme broers, zonen van een Noorse visser die op zee het leven heeft gelaten, door een gelukkig toeval in de gelegenheid komen in het Duitse Dresden een ingenieursopleiding te volgen, destijds – ruim voor de Eerste Wereldoorlog – veruit de beste opleiding op dat gebied in de wereld. Het eerste deel van de serie heet dan ook Bruggenbouwers, hoewel twee van de drie nooit een brug zullen bouwen en een van de drie na zijn opleiding zelfs weinig of niets met zijn beroep heeft gedaan.

 

 

 

Lauritz Lauritzen, de oudste broer is de enige die zich verplicht voelt tegenover de liefdadige instelling die hun studie heeft betaald. Hij is ook de meest religieuze van het drietal. Hij bouwt met name een roemruchte spoorlijn met bijbehorende bruggen en tunnels in de barre Noorse Hardangervidda, maar wordt daar niet rijk van.

Zijn broer Oscar trekt naar het toenmalige Duits Oost-Afrika (tegenwoordig Tanzania, min of meer) waar hij ook een spoorlijn bouwt maar steenrijk wordt door de handel in ivoor en mahoniehout en met dat geld ook de onderneming van Lauritz redt. Lauritz komt via zijn verloofde Ingeborg in contact met de hoogste Duitse kringen, onder wie keizer Wilhelm II, van wie hij tijdens de Kieler Regatta wint met zeilen. Zijn huwelijk met Ingeborg en zijn bewondering voor de Duitse techniek maken hem tot een levenslange aanhanger van Duitsland.

De derde broer, Sverre, blijkt homoseksueel en vertrekt vanuit Dresden met de vriend die hij daar gevonden heeft, een Britse Lord, naar diens kasteel in Engeland, ontwikkelt er zijn schildertalent en komt in aanraking met de beroemde Bloomsbury Groep, waarvan onder anderen Virginia Wolf, Lytton Strachey, de econoom Maynard Keynes en E.M. Foster lid waren.

Dan zijn we al aangeland in het tweede deel, ‘Dandy van het Noorden’ en beleven we de Eerste Wereldoorlog.

…waar men een leven leidt gekenmerkt door stijlvol steenrijk zijn…

Deel 3, ‘Tussen rood en zwart’ speelt zich grotendeels af in de aanloop tot de Tweede Wereldoorlog en die oorlog zelf. Als gevolg van de haat van de Noren tegen Duitsland emigreert de familie naar Zweden en gaat wonen in Saltsjöbaden, een chique badplaats nabij Stockholm, waar men een leven leidt gekenmerkt door stijlvol steenrijk zijn, met name door het bezit van veel onroerend goed in Berlijn en Dresden. De titel van dit deel verwijst naar de schaduw die over de familie valt als een deel van hen, dochters van Lauritz, Johanne en Rosa kiezen voor het verzet tegen de Duitsers en een zoon, Harald zich in Duitsland meldt bij de SS en het schopt tot de rang van Obersturmbannführer en commandant van een tankbrigade.

In het deel ‘Kop in ’t zand’ wordt de houding van Lauritz en Oscar in de Tweede Wereldoorlog beschreven. Ze zouden kunnen inzien dat de Duitsers van alles de schuld zijn, maar met name Lauritz heeft het daar zeer moeilijk mee: hij blijft tot het einde toe hopen op een Duitse overwinning op met name het gehate Engeland. Oscar doet, als ze zien aankomen dat Britse bommenwerpers het gemunt zou kunnen hebben op hun onroerend goed, een poging het alsnog te verkopen, met pover resultaat.

Af en toen ondraaglijk spannend

Dan is de Tweede Wereldoorlog afgelopen, maar in het deel ‘Blauwe Ster’ grijpt de auteur terug naar het begin van WOII en vertelt gedetailleerd over de wederwaardigheden van Rosa en Johanne en met name van de laatste. Zij haalt, als majoor bij de Britse geheime sabotage-organisatie SOE, levensgevaarlijke toeren uit en deelt ook het bed als dat nodig is, met Duitse spionnen en diplomaten. Rosa werkt bij de Zweedse Geheime Dienst en de twee vrouwen helpen elkaar – eenmaal wordt Johanne ook geholpen door haar broer Harald, die dan in bezet Noorwegen is. Dit deel was voor mij het boeiendste, een intens, soms gruwelijk en af en toe ondraaglijk spannend verhaal.

Dan is het ineens afgelopen en krijgen we een soort jeugdboek, over het leven van de in 1944 geboren Eric, zoon van Helene, dochter van Oscar Lauritzen. Eric hoort als beginnende puber dat hij de zoon is van een Franse diplomaat in Stockholm die kort na zijn geboorte naar Frankrijk terugkeert en niets meer van zich laat horen. Het verhaal van de jongen, die het niet gemakkelijk heeft in het leven, eindigt in 1968. Hij heeft het zelf geschreven en we krijgen geregeld korte hoofdstukjes te zien waarin iemand commentaar geeft op het geschrevene. Uiteindelijk staan er te veel namen in dat boek van mensen met wie men na publicatie problemen zou kunnen krijgen, vandaar dat het pas in de herfst van 2017 aan uitgave toekomt. In dit deel zien we een soort ‘nostalgie de jaren vijftig’ op zijn Zweeds.

Nachtkaars

Het verhaal gaat hiermee enigszins als een nachtkaars uit met het vertrek van Eric met zijn moeder en zijn halfbroertje naar Frankrijk, tenslotte het ‘vaderland’ van Eric. (wellicht heeft dit iets te maken met de kennelijk Franse achtergrond van de auteur van de serie). Intussen zijn Lauritz en Oscar overleden – de laatste nadat hij met Eric nog eens terug is geweest in Oost-Afrika – evenals Ingeborg. De familie, die zichzelf deftig pleegt te vinden raakt door allerlei omstandigheden haar rijkdom grotendeels kwijt, en wijt dat deels aan ‘de sossen’, de Zweedse sociaaldemocraten die na de oorlog voortdurend aan de macht zijn in dat land.

Waarom moeten wij dit lezen?

Ten eerste om dat deel Blauwe Ster, een min of meer zelfstandig te lezen boek is(zoals feitelijk alle zes delen). Maar ten tweede ook doordat de serie een beeld geeft van de geschiedenis van een deel van Europa (en van Oost-Afrika) in de twintigste eeuw, waar wij doorgaans in het geheel niet van op de hoogte zijn.

In twee van de delen geeft Guillou een soort verantwoording. Hij blijkt uitgebreid geput te hebben in Zweedse en Noorse literatuur over de twintigste eeuw, sommige figuren in het boek blijken echt bestaan te hebben, maar hebben dan soms een (doorzichtig) veranderde naam. Alles bijeen zou je deze serie vaak meeslepende historische romans ook ‘faction’ kunnen noemen. Ik zou de lezing dan ook zeer willen aanbevelen.

En dan moeten jullie de abominabel slechte en soms onvergeeflijk slordige vertaling door Bart Kraamer maar voor lief nemen.

Had je maar Zweeds moeten leren.

Voorpagina hhBest

Een reactie op “Een Noors-Zweedse familiesage die je meesleept”

  • Sante:

    Aanvulling: ik hoor nu dat deel 7 inmiddels ook is verschenen, het heet 1968. (niet te verwarren met het boek 1968 van Mark Kurlansky).

Reageer