Wie is online
1 bezoekers online
Voor alle nieuwe posts…

Volg ons op Twitter

Tweet het openingsbericht ->
Schrijf ons

Je kunt ons altijd schrijven via de contactpagina. Daar vind je ook richtlijnen, voor het geval dat je mail-notificaties wenst bij nieuwe 'posts' aangaande Best. 

Rubrieken
Opinie of niet?

ls een post op deze site begint met wat in de typografie heet een initiaal, zoals de A hier, bevat zij een mening of interpretatie van de schrijver.

Portal
Portal van bekende en vooral minder bekende bloggers en opiniemakers.
English?

Translation by Google in Chrome: please, click the right mouse button and select 'English'.

Archief
juli 2020
Z M D W D V Z
 1234
567891011
12131415161718
19202122232425
262728293031  

Radetzkymars als treurmuziek voor een tijdperk

Boekbespreking door Sante Brun


T ijdens het lezen van dit boek heb ik hem enkele keren gedraaid: de Radetzkymars, zoals uitgevoerd door de Wiener Philharmoniker op Nieuwsjaarsdag – een teken dat de K und K Oostenrijks-Hongaarse monarchie weliswaar dood is, maar het heimwee ernaar springlevend, vleesgeworden in het gedweeë Weense Spitzbürgertum, dat braaf klapt op het trage ritme van de beroemde mars van Johan Strauss Vater.

En het leeft, of leefde, niet alleen in Oostenrijk; in 1980 bezocht ik de grensstad Sopron in Hongarije, waar de stadsgids trots vermeldde dat het Kaiserlich & Königliches Reich weliswaar formeel niet meer bestond, maar dat Hongarije, uiteraard als grap, maar toch, er iets op gevonden had. Nog steeds K und K, maar nu in de betekenis van Kommunistisch und Kapitalistisch. (En vooral nationalistisch, zoals wij inmiddels weten.)

 

 

 

Volledigheidshalve moet nog vermeld worden dat er zoiets bestaat als het cultuurbegrip Mitteleuropa, en gebied dat zich uitstrekt tussen de Elbe en de oostgrens van Oekraïne, en tussen Polen en de Adriatische Zee, kortom, het land van de Weense koffiehuizen. Een smeltkroes van vele volkeren die elkaar het licht in de ogen niet gunde en dat met de Duitse en Italiaanse eenwording in het midden van de negentiende eeuw al onderweg was gegaan naar de definitieve ondergang. Met al zijn pracht en praal, zijn ambtenaren- en officierendom en de verafgoding van de keizer van Oostenrijk, tevens koning van Hongarije.

Een uitgestrekt rijk onder een door God zelf aangestelde keizer, laatstelijk Franz Joseph de Eerste (getrouwd met Sissi, die vergat ik nog) en tevens de Laatste, zo bleek toen het aan het eind van de catastrofaal verloren Eerste Wereldoorlog die het zelf begonnen was in vele stukken uiteenspatte.

Wat moet dit allemaal?

Dit moet omdat ik zojuist het boek Radetzkymars, met magnum opus van Joseph Roth heb gelezen, een bijtende satire op de kadaverdiscipline die heerste in dat Oostenrijk, vervat in de tragische geschiedenis van Carl Joseph Baron von Trotta, een jongeman die gebukt gaat onder een heerszuchtige vader en nog meer onder de reputatie van zijn grootvader, die tijdens de slag bij Solferino in juni 1859 keizer Frans Joseph het leven redde door hem op de grond te duwen voor aanstormend vuur van de vijand, een slag die de Oostenrijkers trouwens spectaculair verloren. En waarbij grootvader gewond raakte.

Von Trotta was dus de held van Solferino en het portret dat een verlopen Weense schilder van hem maakte, achtervolgde de jongste Von Trotta zijn hele mislukte leven vol mislukte relaties met vrouwen, een mislukte carrière als cavalerie-officier, vol drank met negentig procent alcohol en enorme gokschulden.

Zijn vader bezoekt de keizer op Schönbrunn in Wenen, vlak voor de Eerste Wereldoorlog uitbreekt na de moord op troonopvolger aartshertog Franz Ferdinand in Serajevo. Carl Joseph heeft zichzelf dan al gedegradeerd tot infanterist bij de dragonders in een gruwelijk gat aan de Oostgrens.

De keizer die dan net als zijn keizerrijk-koninkrijk een seniele oude grijs is met een druppel aan zijn neus en een geheugen als een vergiet Hij zal dan ook binnen twee jaar overlijden met als unieke erfenis een volstrekt zinloze oorlog in volle gang, met miljoenen al even zinloze doden en een keizerrijk-koninkrijk dat binnen drie jaar uiteen zal vallen tot een wereld die daarmee al meteen aanstalten maakt voor de moeder aller wereldoorlogen, tot nu toe de Tweede.

De oude Von Trotta, die bijna doodgaat van eerbied, probeert niettemin de keizer zover te krijgen dat hij de schulden van de jonge Von Trotta afbetaalt.

En dan breekt de oorlog uit, Carl Joseph is een van de pelotonscommandanten in Oostenrijkse leger dat onmiddellijk op de vlucht slaat voor de Russen. En dan blijkt hij zelfs dapper. Dat Oostenrijkse leger waarin hij diende was voornamelijk een operetteleger zonder enige slagkracht, de officieren liepen rond in hun uitzinnige kleurrijke pakjes, ze worden door Roth afgeschilderd als rokkenjagers, hoerenlopers, zuipschuiten en gokkers. Die ook nog hun ‘eer’ hadden in de vorm van lange tenen. Als het al ergens op was voorbereid was het hoogstens de frische fröhliche Krieg.

Het uiteraard in het Duits geschreven boek las ik in de vertaling van de hand van Willy Wielek-Berg uit 1981. Voor de tiende druk werd de vertaling herzien door Elly Schippers. Het resultaat is zo’n boek waaraan je niet kunt zien dat het vertaald is.

Joseph Roth wordt gezien als de grote chroniqueur van Midden-Europa in de eerste veertig jaar van de twintigste eeuw. Zijn stijl is heel licht ironisch, spottend vaak ook. Het kruiperige ambtenarendom, het militarisme, de leegloperij en de liederlijkheid van de officieren des keizers vinden in zijn ogen weinig genade – slechts enkele figuren, zoals de Joodse regimentsarts Max Demant – met wiens vrouw Carl Joseph een relatie aangaat – zijn ‘oppasser’ en ook de kunstschilder van grootvaders portret kunnen min of meer zijn goedkeuring wegdragen. Carl Josephs gedrag kan dat niet, al heeft Roth er kennelijk wel begrip voor. Wat zo’n jongeman werd aangedaan was dan ook verschrikkelijk. Wellicht vereenzelvigde Roth zich wel met Von Trotta.

Radetzkymars scheef Roth in 1932, toen de Eerste Wereldoorlog nog vrij vers in het geheugen lag en al duidelijk werd dat er veel meer gruwelijks op handen was. Roth, die Jood was, vluchtte een jaar later naar Frankrijk, na de machtsgreep van Hitler. Hij overleed in mei 1939, ziek, berooid en doorgezopen.

Reageer